vrijdag 30 maart 2007

Voor Stefan


Cool Slideshows

vrijdag 16 maart 2007

Opstap

Dierbare masterclassers,
de blog heeft ons alvast dit opgeleverd: de argumenten voor en tegen een 'concentratie' van mensen met een niet-Vlaamse familienaam (om het zo neutraal mogelijk te houden, waaruit ook de absurditeit blijkt, natuurlijk) staan mooi op een rijtje. Ik heb me een beetje onthouden van betuttelende commentaren, en ik vind dat iedereen de vrijheid heeft om aan zoiets actief mee te werken of niet.
Centraal blijven de literaire teksten, en daarvan heb ik al erg veel fraais gezien in de sessies die we zeer genoeglijk samen hebben gesleten. Het is ook voor mij een erg leerzame onderneming.
Het blijft goed om de Vlaamse lezers te confronteren met de absurditeit van zoiets als een bloemlezing van allochtone auteurs, zeker omdat, zoals ik al vaak zei, jullie een stuk dieper en actiever geïntegreerd zijn dan de modale VB'er die denkt dat jullie nog Nederlands moeten leren (het omgekeerde is het geval :-) ). Maar het is tegelijk handig dat jullie de gelegenheid krijgen het thema van afkomst te relativeren of te nuanceren of net in de verf te zetten in en door jullie teksten (en toekomstige boeken) zelf.
Stuk voor stuk hebben jullie echt meer dan voldoende talent om het op eigen houtje te leren rooien, jullie literaire modellen zijn bovendien vaker die van hier te lande en niet die van een fictief "vaderland", en ik heb groot plezier beleefd aan het samen in groep lezen van jullie teksten en het discussiëren over literaire normen en waarden. Meer dan de oppositie allochtoon- autochtoon (wat heb ik een hekel aan die woorden gekregen en aan heel de neurotische onzin waar ze voor staan) hebben we het eigenlijk gehad over de tegenstelling individu-samenleving, en dat is een problematiek waarin we elkaar maar al te goed vinden. Die tegenstelling, die altijd moet evolueren naar een zinvolle dialectiek tussen 'ik' en de 'ander', vormt het bredere denkkader waarbinnen elke schrijver opereert, of hij nu Orhan Pamuk heet of Peter Verhelst. Net daar ligt ook het concrete punt van alle sessies die we doormaakten: hoe schrijf je iets op? Wat draag je mee, bewust én onbewust, als denkkader, en hoe komt dat terecht in je stijl, de aanpak van een gedicht of een verhaal? Welke keuzes heb je eigenlijk al gemaakt zonder er bij stil te staan, en blijven die overeind als je die kritisch tegen het licht houdt? In die zin zijn onze masterclasses wat mij betreft de opstap naar een heuse redacteur bij een uitgeverij, die met jullie kan gaan 'finetunen' en schaven. Het werk wordt dus professioneel vanaf nu. Jullie hoeven niet gepamperd te worden en jullie zullen er staan als individuen die een samenleving een boek 'posten', zoals dat voor elke schrijver geldt. Jullie thema's variëren, maar telkens komt er een soort vervreemding in te voorschijn, soms poëtisch, soms ironisch, maar het blijkt dat jullie niet uitgaan van evidenties. Dat is wat schrijvers bindt: dat ze niet uitgaan van de evidenties waarmee de wereld hen om de oren slaat. Wat jullie taak is, is dus de taak van elke goede schrijver. Het was prachtig om het verhaal van Rhodan Al Galidi te horen, een verhaal van iemand die werkelijk gevlucht is en zijn handen kapotwerkte op een boerderij om een woordenboek Nederlands te kunnen kopen en die inmiddels literair hoge ogen gooit (en die schandalig genoeg als uitgeprocedeerd door het leven moet gaan; een verhaal dat op d e voorpagina van enkele sensatiekranten had mogen staan om de 'mensen van hier' een beetje de geest te openen).
En wat met de bloemlezing waarin jullie even worden samengedreven? Ach, een goede reden om eindelijk jullie schrijfplannen van een harde deadline te voorzien, meer niet. Over de rest hoef je niet te piekeren, dat zien jullie wel als het zover is. Elk moet daarop reageren zoals zijn hart haar of hem ingeeft. De openbaarheid is altijd onvoorspelbaar, een aantal van jullie weten dat al. Maar net daarom is het gesprek ook boeiend. Kwestie is dat ik geloof dat jullie heel binnenkort meespelen in de literaire cultuur van dit land. Neem dat op jullie volgens de vereisten van jullie temperament en karakter: de een houdt van microfoons, de ander heeft er een hekel aan. Be yourself (whatever that may be).
Blijft de vraag of we onze blog openbaar maken of niet; misschien is het voor sommige journalisten wel boeiend om even te lezen hoe jullie over een en ander denken (dat spaart hopelijk al een paar clichévragen bij interviews en maakt ruimte voor concretere gesprekken over het werk :-)). Ik kijk erg uit naar onze laatste sessie, maar ik weet nu al dat we daarna gewoon doorgaan, en dat ik dat met groot plezier zal doen. Jullie zijn voor mij al heel vanzelfsprekend mijn collega's, en dat is hartverwarmend.
CU on 24
Stefan

zondag 4 maart 2007

Een contingent allochtone schrijvers

Zijn er quota voor bepaalde categoriën van schrijvers?
Kan je schrijvers opdelen in categoriën?
Op grond van wat?
Stijl?
Thematiek?
Afkomst?
Als uitgevers deze indeling hanteren dan is het inderdaad te laat om je werk aan te bieden bij een uitgever waar nu, gelijktijdig, een aantal 'allochtone' schrijvers debuteren.
Het contingent allochtone schrijvers is bereikt, genoeg, er is verzadiging. Over naar iets anders.
Kijken hoe het staat met het contingent schrijvers met een lichamelijke handicap of het contingent holebi schrijvers.
Te laat.
Hadden we niet gezegd dat we dat juist niet wilden? Dat we weigerden onder een exotische verzameling te worden gedreven?
Maar we doen het zelf.

Niet alleen zien de anderen ons zo, maar wat veel dramatischer is, is dat we onszelf op die manier bekijken.
We roepen heel hard (maar met een zeer zwakke overtuiging) dat we zeker niet willen zijn wat de anderen van ons willen maken: exotisch, nieuw, schattig Nederlands met een beetje haar op, niet erg.
Mark Cloostermans, recensent van de Standaard, stelde ons 'allochtone schrijvers' immers gerust in zijn recensie van het boek Kifkif.
Hij had extra stof gekocht voor zijn mantel der liefde.
Daarmee was hij in zijn goedhartigheid bereid om onvermijdelijke taal- en stijlfouten toe te dekken. Hoe lief.
En nu ontdek ik tot mijn ontsteltenis dat we zelf een enorm probleem hebben met onze eigenheid.
Een vette kluif voor psychologen als je het mij vraagt.

donderdag 1 maart 2007

Over de omgekeerde wereld


Positieve discriminatie, ik zie daar echt geen graten in, dames en heren. Rachida, zoals je eerder al zei tijdens een masterclass-sessie: als ik met de nadelen moet leven, waarom dan ook eens niet met de voordelen?! Plus, vergeet dit niet: wij zijn niet de enigen die schrijven, we zijn gekozen uit een groep, omdat we het meeste potentieel hadden. Dat wil ik in ieder geval geloven, Stefan. Dus enige kwaliteit is er. Nu nog polijsten, creëren en aan de man brengen, zou ik zeggen. Ik geloof namelijk niet in de boutade 'talent komt altijd bovendrijven'. Talent moet vooral zijn weg kunnen zoeken.

En verder over thematiek: natuurlijk schrijf je wat je wilt, Fatima, en maar goed ook. Toch een bedenking van de advocaat van de duivel. Vroeger schreef, schilderde of beeldhouwde men geregeld voor een mecenas. Alle groten deden dat, Sixtijnse Kapel, Shakespeare anybody??? Dat was een manier van kunstenaar zijn en overleven. Wat zou je doen als iemand je zegt: schrijf eens een verhaal/roman over hoe het is om allochtoon te zijn, dan krijg je een jaarloon. Haal je daar je neus voor op? En: denk je niet dat je een eigen invulling kunt geven aan die opdracht? Mijn antwoord kennen jullie waarschijnlijk al :-)

Inan

dinsdag 27 februari 2007

Over nieuwe paden


Verandering komt in verschillende stappen. Die moeten elkaar opvolgen en daarbij mag er geen enkele fase overgeslagen worden. Ten tweede moet dat proces aanvaardbaar zijn voor diegene op wie of datgene waarop het betrekking heeft. Ik vind dat twee noodzakelijke voorwaarden om een verandering te laten lukken.

Een voorbeeld: volgens de piramide van Maslow voorzien we eerst in primaire behoeften alvorens onze secundaire te bevredigen enzovoort. Ik denk dat iedereen weet waarover ik het heb. Voor we een boek gaan lezen of iets schrijven, zullen we eerst onze honger stillen, het dak boven ons hoofd herstellen of voor een huilende baby zorgen.

Een ander voorbeeld, misschien iets concreter, maar ook in het kort: een democratie gaan installeren (via druk) van buitenaf en net na het omverwerpen van een dictatoriaal regime, zonder een voorafgaande fundamentele erkenningsbasis bij de lokale bevolking, is gedoemd om te mislukken. Zie hiervoor Afghanistan, Irak en menig gedekoloniseerd Afrikaans land.

Onze situatie is natuurlijk minder precair dan in het voorbeeld in de vorige paragraaf. Maar literair Vlaanderen, en meteen ook de Vlaamse samenleving, anno 2007 is ook onderhevig aan hetzelfde proces van verandering.

De immigranten die na WO II naar België zijn gekomen, waren in de eerste plaats bezig met economisch overleven, met werken voor eten en drinken. Daarna kwam de noodzaak voor bijvoorbeeld betere behuizing en het grondig leren van de taal. Met de jaren en de generaties verschoven de behoeften die nog bevredigd moesten worden. De kinderen en de kleinkinderen van die immigranten, dat zijn wij. En wij zijn geen immigranten, nooit geweest. De meesten van ons zijn hier geboren en we zijn hier allemaal opgegroeid, volwassen geworden.

Onze behoeften zijn anders. Wij hebben eten en drinken, wij hebben een degelijke woning, wij hebben een job. Wij zijn Belgen en Vlamingen. En nu willen we voorzien in onze volgende behoeften. Daarom zie jij een zwarte schepen van Burgerlijke Stand. Daarom zie jij een Vlaamse zangeres met een Turkse naam, een Vlaamse dj met een Marokkaanse naam en een hele hoop Rode Duivels die allen een andere huidskleur hebben. Wij zijn journalisten, advocaten, dokters en kunstenaars.

En wij zijn schrijvers. Binnenkort ga je misschien een hele hoop Vlaamse schrijvers zien met allerhande rare namen. Wij hebben gewacht, met een behoefte die in ons heeft gebrand, en we hebben geduldig geschreven in schaarse momenten van vrije tijd. Wij hebben getracht om ons te tonen, enkelingen. Maar we zijn steeds gegroeid in aantal. Tot je niet meer naast ons kon kijken. Tot je niet meer naast ons kunt kijken.

Wij zijn een groep, omdat jij ons zo ziet. Geen probleem, als je ons zo wilt zien. Maar wij zijn elk ook anders, uniek. En dat zal je gauw merken. Want verandering is een proces. En bij sommigen gaat dat traag. Maar daarom moet je nog geen stappen overslaan. Zet je rustig in je zetel en denk. Laat de gewenning intreden. En aanvaard. Want wij zijn onomkeerbaar.

Inan

zaterdag 24 februari 2007

Beste,

jullie weten hoe ik erover denk hé.
over identiteit, perceptie en stereotypen kunnen we lang doorbomen. maar wat voor mij belangrijk is, is te kunnen schrijven. iets zeggen.
iets zeggen dat relevant is, hoop ik.
moet ik me dan nog gaan bezig houden met randfenomenen? hoe ik wordt gezien, hoe er op mij wordt gereageerd, is dat mijn verantwoordelijkheid?
moet ik proberen te veranderen wat mensen over mij denken?
ik ben eerder geneigd om te zeggen, neen.
tegen racisme reageer ik uiteraard.
heb ook geen zin om ingeschakeld te worden in een groots volksopvoedkundig project.
het enige dat ik wil is een verhaal vertellen.
vanuit het standpunt van mijn personages.
sommigen zullen er iets aan hebben, anderen zullen het onzin vinden. anderen zullen denken dat ik voorgetrokken word omwille van mijn afkomst.
ik wil daar wel over in debat treden, maar het belangrijkste blijft dat schrijven. hoe kan ik meer tijd krijgen om te schrijven, hoe zorg ik ervoor dat ik niet voortdurend het gevoel heb dat dat schrijven zo ergens aan de rand van mijn leven gebeurd, terwijl ik daar eigenlijk fulltime mee bezig wil zijn, serieus?
ik wil ook een eerlijke beoordeling krijgen op mijn geschrijf. niet zeggen dat het fantastisch is terwijl het misschien gênant slecht geschreven is.
en dus, nog steeds hetzelfde dat ik blijf zeggen, go for it!
schrijven, dat is wat telt, de rest is bijzaak. en profiteer van de kansen die je krijgt, gebeurt ook niet elke dag.

Rachida

vrijdag 23 februari 2007

oef!

het was even zoeken, maar hier ben ik dan.
en nu?

Rachida

woensdag 21 februari 2007

ik ben erop


Dag allen,

ik ben erop geraakt. Maar voor een zinnig woord verwijs ik u graag naar volgende keer!

Goeie nacht

maandag 19 februari 2007

Vers bloed: Wordt dit de titel van het bericht?

Even kijken of ik dit op de blog krijg...

Beste masterclassers,
hierbij de mail die ik een tijdje geleden schreef (5 februari) naar aanleiding van de discussie die we voerden omtrent 'geallochtoniseerd worden door goede bedoelingen'

Ik ben verheugd met het fundamenteel debat dat we nu voeren; zoals gezegd, moeten we dit op gestructureerde manier op de weblog opzetten.
Het gaat niet op dit probleem te verdringen want het is spontaan aangebracht en gegroeid; het legt ook een paradox bloot in de benadering van het probleem, waarvoor we niet blind kunnen blijven.
Maar misschien moeten jullie toch de dialectische kant van de zaak niet uit het oog verliezen ook.
Jullie zijn zelf op een cursus afgekomen die het stempel 'allochtoon' droeg - een stempel dat jullie nu te krap, zelfs discriminerend lijkt (een redenering waarvoor ik begrip heb).
Wij hebben gediscussieerd over zin en onzin van een boekje waarin jullie samen zouden staan. Maar laten we de zin daarvan ook niet vergeten. Sommigen onder jullie hebben zin in een rolmodel, anderen niet. Terecht vrezen sommigen van jullie te worden opgetrommeld voor een goeie zaak die vooral ons politiek correct denken moet voeden en jullie zou "allochtoniseren", want jullie zijn volkomen geïntegreerde individuen. Allemaal goed en wel. Maar vergeten jullie niet wat er voor jullie zelf op het spel staat? Is het geen goede gelegenheid om net voor zo'n boek een kritische tekst over deze paradox te schrijven? Jullie nu terugtrekken en vervallen in hyperindividualisme is, sorry dat ik het zeg, typisch een politiek van de individualistische kleinburger... en daar stoten jullie op een andere paradox. Hyperindivualistisch zijn helpt jullie ook niet vooruit. Beweer voor mijn part dat er geen allochtone gemeenschap bestaat behalve tussen onze westerse oren (zoals Saddie suggereerde), maar kruip in godsnaam in jullie pen om daarover waardevolle, kritische teksten te maken in plaats van in scepticisme te vervallen.
Mijn krant vandaag staat bol van de artikels over het alledaags racisme, de zaak Wouer van Bellingen, noem maar op. Er is in dit Vlaanderen enorm veel werk aan de winkel, en jullie moeten niet in jullie schelp kruipen ook, vind ik. Dat is een beetje makkelijk. Ik begrijp de kritiek op de Kifkif uitgave, maar ghettoïsering is natuurlijk nog iets anders.
Als we willen dat er in dit Vlaanderen van het alledaags racisme iets verandert, dan moeten jullie ook de uitdaging durven aan te gaan; het is een basis, een uitgangspunt, en daarna zal ieder van jullie die een waarlijk en echt schrijver is, ook doorgaan; want dat alleen is het verschil tussen schrijvers en anderen: schrijvers schrijven en publiceren, en nemen hun verantwoordelijkheid op in de maatschappelijke arena. Dat hoort tot de kerntaken van de hedendaagse schrijver (anders zat ik niet met jullie in deze werkgroep).
Dus: alle kritiek in acht genomen, laten we blijven werken om goede teksten te maken (en als we al een anthologie maken: asjeblieft, ga ervoor, schrijf teksten over deze paradoxen van een samenleving die jullie doodknuffelt...en kijk hoe mensen met gelijkaardige dubbele identiteiten reageren...!
Hopelijk geeft dit ook wat denkstof en 'a kick in your asses' om aan de gang te blijven...
Ik hoop dat we snel op de blog kunnen. En ik hoop op een goede workshop volgende keer, met veel goede teksten zodat we literair aan de slag blijven, want daar gaat het om.
Hartelijks
Stefan